 |
ISBN: 90 6168 436 6
Uitgeverij Sun, Nijmegen, 1995
www.bol.com |
<< Terug
In de jaren tachtig domineerde het CDA het politieke landschap. De christen-democratie leek vitaler dan ooit. Maar de arrogantie van macht, de afkalving van die macht, de vertwijfeling over de te volgen lijn: het leidde in de jaren negentig tot een reeks fatale onachtzaamheden en misstappen.
In de aanloop naar de verkiezingen van 1994 kwam het in de CDA-top tot een regelrechte paniek en chaos, tot harde confrontaties tussen de grootmeester Lubbers en zijn ongeduldige kroonprins Brinkman. Het liep uit op een dramatische terugval van het CDA.
Conflict met Brandpunt
Inhoudsopgave
Voorwoord
Recensies
Top
Inhoudsopgave
Woord vooraf
hoofdstuk 1
De nacht van Brinkman
23 januari 1993: een krachtmeting te Bergschenhoek
hoofdstuk 2
Het moet anders in Nederland
Brinkman, de nieuwe geluiden van een nieuwe minister
hoofdstuk 3
Het Lubbers-effect
De onstuitbare opgang van een minister-president
hoofdstuk 4
No nonsense
De slagorde van het eerste kabinet-Lubbers
hoofdstuk 5
De Bert-norm
Lubbers-II
De pikorde van het tweede kabinet-Lubbers
hoofdstuk 6
We run this country
Over bloedgroepen, beginselen en macht
hoofdstuk 7
De technocraat
Van Velzen: de ondergang van een partijvoorzitter
hoofdstuk 8
De ankerplaats
Over de steunpilaren van de christen-democratie
hoofdstuk 9
De rede van Texel
Brinkman maant tot daadkracht
hoofdstuk 10
Het dynamiet-concept
Op weg naar een chaotische verkiezingscampagne
hoofdstuk 11
De stranding
Hoe het CDA de verkiezingen, de macht en de kroonprins verloor
hoofdstuk 12
Ambteloos burger
Hoe Lubbers het voorzitterschap van de Europese Commisie verspeelde
Epiloog
Bibliografische notitie
De kabinetten-Lubbers
Register van personen
Inhoudsopgave
Voorwoord
Recensies
Top
Woord vooraf
Discussie gesloten. Dat was het thema van de CDA-partijraad van 19 november 1994. Het drama van de verkiezingen van 3 mei dat jaar was geanalyseerd door de commissie-Gardeniers en doorgesproken in de partij. Nu begon een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van de christen-democratische beweging.
Televisiecamera's bestormden de voorzitter-in-spe Hans Helgers, de partijraadsleden applaudiseerden. Maar toen de bijeenkomst in de Utrechtse Jaarbeurs ten einde liep, bleek waar het wèrkelijke enthousiasme lag. Nog vóór het slotwoord van Til Gardeniers-Berendsen, de voorzitter van de kritische evaluatie-commissie, begaven veel aanwezigen zich naar de hal voor het werkelijke hoogtepunt van de dag: de gezelligheid van het napraten met oude bekenden.
Het CDA heeft het trauma van de enorme verkiezingsnederlaag, die 20 van de 54 kamerzetels kostte, zo snel mogelijk achter zich willen laten. De partij zoekt troost in het terugblikken naar vroeger tijden en de hoop op een betere toekomst. Het drama van '94 beziet ze nog steeds met een zekere verdwaasheid, als ging het om een wervelstorm die haar plotseling heeft overvallen.
Toen de commissie-Gardeniers in juli 1944 haar analyse van de oorzaken van de nederlaag presenteerde, ging het CDA prat op dit staaltje openbare zelfkritiek. Vrijwel iedereen kreeg er van langs: de mislukte lijsttrekker Elco Brinkman en de afgetreden partijvoorzitter Wim van Velzen voorop, gevolgd door de Tweede Kamerfractie, de voormalige bewindslieden, het partijbestuur. Zelfs premier Lubbers kreeg een tik, hoewel een kleintje. In werkelijkheid ging het om collectieve boetedoening. 'We hebben allemaal schuld,' kon men nu tegen elkaar zeggen.
De werkelijke vragen bleven bestaan. Hoe was het in godsnaam mogelijk dat deze rots in de branding van de Nederlandse samenleving, deze geoliede machinerie van de macht op zó'n onstuitbare wijze in het moeras terecht was gekomen? Wat was er gebeurd met de onaantastbare Ruud Lubbers en zijn team, die de partij vanaf 1982 op meesterlijke wijze naar grote overwinningen voerden? Noem ze maar op: Onno Ruding, Hans van den Broek, Jan de Koning, Gerrit Braks, Bert de Vries -- medio jaren tachtig beschikte geen enkele concurrerende partij over een vergelijkbaar reservoir van krachtige bestuurders en capabele politici.
Nog in 1990, toen de partij haar 10-jarig bestaan vierde, spraken perscommentaren van een 'revival'. De christen-democratische beweging had de malaise van eind jaren zestig, begin jaren zeventig doorstaan. Ze was er na de fusie van ARP, CHU en KVP in 1980 in geslaagd haar bedreigde positie in het centrum van de macht te herbevestigen. Voor eeuwig naar het leek, want het CDA wist in de jaren tachtig als geen ander de gematigde kiezer in het midden van het politieke spectrum aan zich te binden. In de gemeentelijke en provinciale besturen, bij het vormen van een regering, vrijwel nergens in het land kon men het zonder de partij stellen.
Als de kiezers zo'n dominant instituut een paar jaar later en masse de rug toekeren, als zijn leiders - Ruud Lubbers en diens gedoodverfde opvolger Elco Brinkman - verslagen het veld ruimen, dan is er iets fundamenteels aan de hand. Een interne partijcommissie kan dat niet in al zijn naaktheid blootleggen, daarvoor mist ze de benodigde distantie. Hier ligt vooral een taak voor de onafhankelijke journalistiek. De Nederlandse pers is daar ook een heel eind in geslaagd. Ze heeft tipjes, en soms hele panden van de sluier opgelicht en onderdelen van het drama zichtbaar gemaakt. Maar toen het CDA eind 1994 de geschiedenis als afgedaan wilde verklaren, rustten tal van details nog in het verborgene en ontbrak het totaalbeeld.
Die ontbrekende details en dat omvattende beeld wil dit boek nu wèl proberen te bieden. Het plan ontstond in november 1993 en begon met het trefwoord 'Lubbers'. Het leek een interessant journalistiek project ter gelegenheid van zijn afscheid zijn regeerperiode onder de loep te nemen. Maar kort daarop werd duidelijk dat de machtswisseling bepaald niet vlekkeloos zou verlopen. Integendeel: het CDA struikelde van incident naar incident, tot - het is vaak gezegd - de Wet van Murphy van kracht leek en alles misging wat maar mis kon gaan. Toen de verkiezingen van mei plaatsvonden, stond ik al in de startblokken. Uiteraard zou het boek nu ook de dramatische afloop van die verkiezingen moeten verklaren.
De maanden mei tot en met augustus werkten een team van drie desk researchers en ikzelf aan het fundament van dit boek: een klein documentatiecentrum vol materiaal over de voorgaande twaalf jaren. Na de beëdiging van het nieuwe 'paarse' kabinet en het aftreden van Elco Brinkman als leider van de CDA Tweede Kamerfractie was de tijd rijp voor behoedzame benadering van de hoofpersonen. Het kostte moeite om te voorkomen dat de zittende CDA-top mij in mijn speurtocht zou dwarsbomen. In november volgden enkele weken van gespannen onderhandelingen. Ik besloot rekening te houden met de gevoeligheden van de partij en bood aan dit boek pas te laten verschijnen na de verkiezingen voor de Provinciale Staten van 8 maart 1995. Als tegenprestatie stelde de CDA-top vijf gesprekspartners ter beschikking en liet ze intern weten: 'Wij zullen en kunnen niemand verbieden met de heer Metze te spreken.' De dreiging van een blokkade was afgewend.
De werkelijk belangrijke gebeurtenissen kwamen aan de orde in de ruime reeks gesprekken die ik buiten de partijtop om voerde. Geleidelijk kwamen de betrokkenen los, tot ook werkelijke hoofdpersonen hun verhaal gingen doen. Het was uitermate fascinerend de ijsberg van het drama van '94 vervolgens boven water te zien komen. Daarvan doe ik u nu verslag, ingebed in een overzicht van de drie regeerperioden-Lubbers, een beschrijving van de ontwikkelingen in de partij-organisatie, en een analyse van de relevante veranderingen in de samenleving en het electoraat.
Velen hebben bijgedragen aan de totstandkoming van dit boek. Tientallen CDA-ers schonken mij vertrouwen, ondanks hun aarzelingen. Mevrouw mr. Tineke Lodders-Elfferich, tot februari 1995 waarnemend partijvoorzitter en het Politiek Beraad van het CDA hebben hun angst voor dit boek in ieder geval onder controle gehouden. Desk researchers Machiel van Zanten, Miranda de Vries en Tamara Metze, hebben uitstekend werk verricht bij het verzamelen van schriftelijke bronnen. Ook Jos van Hezewijk van het bureau Elite Research leverde waardevol materiaal. Collega's Ton F. van Dijk en Steven de Vogel hielpen met gegevens ten behoeve van het hoofdstuk over de kandidatuur van Ruud Lubbers voor het voorzitterschap van de Europese Commissie; zonder hen was dit onderdeel niet zo compleet geweest als het nu is. Maria Groen en Lucy Klaassen besteedden vele uren aan het uitwerken van de gesprekbanden.
Politicoloog prof. dr. Jan van Deth van de Katholieke Universiteit Nijmegen, directeur drs. Gerrit Voerman van het Documentatiecentrum voor Nederlandse Politieke Partijen (DNPP), en Jan Hoedeman, parlementair redacteur van De Volkskrant, lazen de concept-teksten. Zij behoedden mij voor fouten, bekritiseerden mijn analyses, wezen op omissies, en gaven advies. Een betere editor dan Anja Lieshout kan een auteur zich niet wensen: ze was bikkelhard en genadeloos.
Tenslotte zijn daar degenen die dit project mogelijk maakten: mijn financiers en mijn uitgeverij. Wilfried Uitterhoeve van Sun is als geen ander in staat onder druk van deadlines zijn koelbloedigheid te bewaren. Tijdens het schrijven moest ik vluchten voor de dreiging van overstroming en vond ik gastvrij onderdak bij mijn goede vriend Flip. Annemarie bewaakte mijn fysiek en geestelijk welzijn, en mijn kinderen Kamil en Rosalie lieten mij enigszins hoofdschuddend mijn gang gaan - ik moest weer zo nodig een boek schrijven.
Ik dank hen allen.
Marcel Metze, maart 1995
Inhoudsopgave
Voorwoord
Recensies
Top
Recencies
Recensie 1 (geselecteerde fragmenten)
Intermediair
Door Hans Wansink
Een partij zonder hoofd
Hoe Lubbers en Brinkman elkaar de tent uit vochten en het CDA zijn cliëntèle kwijtraakte
(..) De stranding van Marcel Metze is de eerste reconstructie van de déconfiture van de christendemocratische partij. Met zijn uiterst leesbare boek bevestigt Metze zijn reputatie als één van de weinige echte onderzoeksjournalisten van Nederland. Dat de in de Ooijpolder gevestigde auteur geen habitué op partijraadsvergaderingen en Binnenhofse persconferenties is, blijkt geen handicap.
Link: vervolg recensies
(vervolg recensies op onderliggende pagina)
Vervolg recensies
(Vervolg geselecteerde fragmenten uit recensie Intermediair) Metzes reconstructie van het laatste halfjaar voor de verkiezingen biedt fascinerende lectuur. Op 17 november 1993 verliest Ruud Lubbers het vertrouwen in zijn kroonprins Brinkman. Als een olifant was de CDA-lijsttrekker door de WAO-porseleinkast gedaverd. (..) Lubbers concludeert dat Brinkman definitief was gezakt voor het examen politiek leider/minister-president. Nog geen jaar na het dramatische 'bami-akkoord' van Bergschenhoek maakt Brinkman zijn tweede kapitale strategische blunder. Het CDA, dat begin 1993 nog op 46 zetels in de opiniepeilingen stond, zakt rond kerst beneden de veertig. Brinkman zelf meent dat Lubbers hem ten tweede malen een loer heeft gedraaid.
(..) Opmerkelijk genoeg blijkt De Vries steeds de winnaar. Hij is zonder meer de openbaring uit Metzes verhaal: de onverwacht sterke man die niet bang is voor Lubbers - vasthoudend, professioneel, herkenbaar, maar ook crisismanager en verbindingsman tussen Lubbers en Kok.
Interessant is de analyse die Metze maakt van de marktpositie van het CDA.
(..) En passant haalt Metze een onderzoek aan dat werd gedaan door verslaggevers van NRC Handelsblad vlak voor de Kamerverkiezingen van 3 mei. Daaruit bleek dat meer dan de helft van de kiezers anders zou stemmen, niet zou stemmen of het nog niet wist. De min of meer vaste aanhang van CDA, PvdA en VVD schommelde rond de vijftien procent, samen slechts 65 van de 150 zetels. Tot 3 mei 1994 heeft CDA zichzelf gezien als de enige echte volkspartij, geworteld in alle lagen van de bevolking. Het is een illusie gebleken.
Resencie 2 (geselecteerde fragmenten)
De Volkskrant
Door Jan Joost Lindner
Redeloos geruzie in het CDA gereconstrueerd
WAT EEN voortreffelijk idee om de grootste vaderlandse verkiezingsnederlaag sinds de invoering van de evenredige vertegenwoordiging - die van het CDA vorig jaar - uit te spitten. Maar een voortreffelijk idee is nog geen voortreffelijk boek, ook al is er nog zo intensief - en zelfs zeer lonend - gespit.
De Stranding - Het CDA van hoogtepunt naar catastrofe van journalist Marcel Metze bevat twee zeer goede reconstructies, vol nieuwe details en achtergronden. De eerste betreft het WAO-drama begin 1993 - met als treurig hoogtepunt het 'bami-akkoord van Bergschenhoek' (waar nasi werd gegeten). De tweede reconstructie gaat over het immense gedonderjaag tussen zo'n beetje alle CDA-leiders in het halve jaar voor de verkiezingen. Het resulteerde voor het CDA in twintig zetels verlies en een verandering van regerings- in oppositiepartij, ook voor het eerst sinds de invoering van de evenredige vertegenwoordiging.
(..) Van de CDA-leiders hebben vooral Brinkman en Lubbers huiveringwekkend gefaald in de aanloop naar 3 mei 1994. Dat toont de reconstructie overvloedig aan. Meze is echter - terecht - terughoudend met een verklaring. Wie kan de gekte en het vergeten van alle elementaire ambachtelijkheid bevredigend verklaren? Want redeloos en escalerend ruziemaken vlak voor kamerverkiezingen - dat is vakmatig gezien zo ongeveer het dieptepunt. Metze laat zien hoe beoogd lijsttrekker en kandidaat-premier Brinkman in Bergschenhoek een oor wordt aangenaaid, met name door Lubbers en (gastheer) Bert de Vries.
(..) Brinkman, uiteraard gehinderd door het feit dat hijzelf het kabinet-Lubbers niet mag wegsturen, faalt blijkens dit boek als fractieleider, als strateeg, als inhoudelijk denker èn als sportief verliezer. Hij mokt nogal vaak en kinderachtig en staat gauw klaar om partijgenoten van kwalijke streken te beschuldigen. Dit komt ook zijn anders zo fanaat nagestreefde vlotte imago niet ten goede. Terwijl hij juist met die Frits-Westershow weer delen van de aanhang van zich vervreemdt.
(..) Lubbers heeft diverse (wanhoops)pogingen gedaan om de zaak om te gooien. Maar ze komen veel te laat en zijn contra-produktief. Zijn uitlatingen in de verkiezingscampagne klinken te zeer naar een vete met Brinkman. Het niet-coördineren met de campagneleiding, is evenzeer zijn blunder.
(..) Metze poneert in een al te parmantige 'epiloog' dat het CDA met Heerma 'de verkeerde keus' heeft gemaakt. Alsof nieuw talentvol leiderschap daar voor het oprapen ligt. Dat was vanaf 1989 al een groot probleem. En eigenlijk voor iedere partij. Want het leesbare deel van het boek maakt duidelijk dat aan zo'n opvolger hoge èn zeer diverse eisen gesteld moeten worden, evenals aan de tact en de zelfbeheersing van de vertrekkende leider.
Inhoudsopgave
Voorwoord
Recensies
Top
<< Terug
|